Op de hoek van de Ruysdaelkade en

de Stadhouderskade, pal achter het

Carel Willinkplantsoen en vlak bij

het Rijksmuseum, staat een klein

huisje van baksteen met een mooi

puntdak. Gisteravond kwam ik erlangs.

Het was een uur of acht.

In het huisje flikkerde een blauw licht.

Ik bleef staan.

Op de ramen, twee grote vierkanten-

eentje aan de kant van de Ruysdaelkade,

eentje aan de kant van de Stadhouders-

kade-werden van binnenuit videobeelden

geprojecteerd.

Het was niet meteen duidelijk wat

ze voorstelden. Rotswanden. Oude bomen.

Onherbergzame landschappen vanuit

de lucht die op het punt stonden

gebombardeerd te worden. De beelden

waren overwegend blauw.

Af en toe dook er wat groen of grijs in op,

ook wel eens een gele tint.

De beelden bewogen op onhoorbare

muziek: de ene keer dansend, de andere

keer met brute schokken.

Voortdurend gleed de camera langs

de rotsen, want dat waren het

toch wel-rotspartijen. Ik stond er een

tijdje naar te kijken.

Het regende.

De druppels waren net te groot om

mist te vormen. Rond het Rijksmuseum

verderop hing een wolk van licht.

In het plantsoen aan de overkant

van de Stadhouderskade en de gracht

rond de buste van Simon Carmiggelt.

Er reden trams over de Weteringsschans

die geen geluid maakten. Verderop stond

een verlichte reclamekast met twee filter-

sigaretten innig verstrengeld. Aan een

van de filters zat een beetje lippenstift.

Romance at last stond erboven.

Op het puntdak van het kleine huisje

lag sneeuw.

Kunst.

Ik stond naar een video-installatie te kijken.

Dat kon niet anders. Ik liep wat om

het gebouwtje heen en zag een bordje hangen.

Rob Johannesma was de maker van

dit kunstwerk, dat zonder titel was.

Het hat iets.

Van dichtbij was het een zee van

bewegende korrels, op een meter afstand

was het een studie van rotswanden

die voortdurend veranderden door de manier

waarop de camera ze aftastte.

Niet alleen leken de stenen te leven.

Ze hadden ook een zuigende werking.

Ze waren verleidelijk. Dit leken me nieuwe

eigenschappen van steen.

Ik kende ze in elk geval niet.

Goeie titel.

Nieuwe eigenschappen van steen.

Verassende eigenschappen ook.

Ooit een vertederende rotswand gezien?

Ooit een rotswand willen omhelzen?

Ooit nieuwsgierig geweest naar wat een rotswand te vertellen zou kunnen hebben?

Nu wel.

Het was druk op de kade. De aanhoudende

stroom auto’s maakten dat typisch geluid

van banden op nat wegdek.

Mensen gingen naar huis.

Koplampen beschenen soms de rotswanden,

die dan even verdwenen. Daarna waren

de auto’s voorbij en was het werk van

Johannesma er weer, muziek zonder geluid,

betoverend.

Ik vervolgde mijn weg. De stad leek er anders

uit te zien. Onder elke straatlantaarn hing

een gouden bal van regendruppels.

Ze weigerden te vallen. Ze hielden het licht

vast als een vrouw die niet met dansen

op kan houden en zich vastklampt aan

haar partner. Bij een huis zag ik

een man aanbellen. Vlak voordat de deur

openging oefende hij even een mal danspasje.

Toen de deur openzwaaide, had hij het onder

de knie. Een vrouwenlach rolde de straat in.

Sneeuw gleed van een dak.

Overal waren rotswanden te zien.

 

Martin Bril

5 april 2001

Het Parool